vakantie in de boekwinkel

Misschien wel de beste plaats …

Afb. Pixabay

Afb. Pixabay

Marion parkeerde haar fiets tegen de gevel van het winkeltje. Het was een hele trap om vanuit het dorp de stad te bereiken, maar dat vond ze geen bezwaar. Hooguit in de winter, als het later licht werd. Nu was het zomer, en licht en warmte waren er meer dan genoeg. Trouwens, zie voor je wagen maar eens een betaalbare parkeerplaats te vinden.
Met gemengde gevoelens draaide ze het slot om. Deze week had ze het rijk alleen, haar collega’s waren allemaal op vakantie. Dat had zijn voordelen als je de scepter zwaaide in een boekwinkel, maar uiteindelijk was het natuurlijk de bedoeling om boeken te verkopen, niet om alleen maar rustig en ongestoord te gaan zitten lezen.

Natuurlijk had ze ook graag eens een vlucht willen boeken naar een mooi vakantieland in de vakantieperiode zelf. Maar haar collega’s hadden allemaal kinderen en meenden daarom het vanzelfsprekende alleenrecht te hebben op schoolvakanties. Haar baas, die het gesteggel al snel meer dan zat was had in een opvliegende bui de druk nog wat verhoogd en de knoop doorgehakt. En hier zat ze nu dan in haar eentje.
Eerst maar eens koffie, zo vroeg op de ochtend hoefde ze al helemaal niet op klanten te rekenen, het was vóór een uur of tien nooit erg druk. En bovendien, het halve land was op vakantie.

Na haar eerste kopje keek ze wat besluiteloos rond. Wat nu? Een boekje gaan zitten lezen? De stofzuiger of de stofdoek hanteren? Of toch nog maar een kopje? Zelf stelde Marion prijs op frisse, schone winkels, hygiëne was niet iets om licht over te denken. Het werd de stofdoek. De balie, het tafeltje en de vensterbank glommen snel weer stofloos, dus Marion keek om zich heen om een nieuwe uitdaging te vinden.

Ze kon natuurlijk de boekenplanken zelf eens gaan aanpakken, dat leek haar een goed idee. En om zichzelf te belonen stelde ze zich na een vijftal planken een nieuwe kop koffie in het vooruitzicht.

Al bij de eerste plank, waarop allerlei doe-het-zelf boeken stonden voor het breien en haken van poppen en knuffels, ontdekte ze dat het blijkbaar al erg lang geleden was dat iemand op dit uitgebreide schoonmaakidee was gekomen. Hoewel ze het liefst op de vlucht was geslagen veegde ze huiverend enkele dode vliegen weg, en wat poppen van haar onbekende leden uit het omvangrijke insectenrijk. Terwijl ze even later haar handen grondig met zeep waste mopperde ze nog op de beesten die zich zomaar op haar terrein durfden te wagen.

De tweede kop koffie had ze meer dan verdiend, vond ze zelf. Ze installeerde zich in de gemakkelijke stoel in de hoek van het winkeltje. Een goed boek in haar hand, het kopje koffie op het tafeltje. Hier zat ze een beetje uit het zicht van de deur, zodat ze niet zo snel betrapt zou worden als er iemand binnenkwam.
Het was nog steeds stil in het winkeltje toen ze na een paar uurtjes de laatste bladzijde omsloeg. Eigenlijk, vond ze zelf, kon het werken deze week toch ook als een soort van vakantie voelen.


Het was al dagen bepaald niet druk geweest, Marion had maar weinig boeken kunnen verkopen.

Het was lang geleden dat er zo’n zonrijke zomer was, een hogedrukgebied zorgde voor een ongekende hoeveelheid zonovergoten dagen. Buiten vielen de mussen van het dak, het was gewoon te warm om je lang buiten te wagen. Allemaal niet best om een kooplustig publiek naar de winkels te lokken. Hooguit supermarkten, drankhandels en ijsverkopers deden nog redelijke zaken en na dat soort noodzakelijke aankomen vluchtte iedereen terug om verlichting te zoeken tegen het felle, warme zonlicht in de beschutting van hun huizen, bomen of parasols.
Inmiddels had Marion tijd genoeg gehad om de hele winkel te poetsen. Met een keukentrapje had ze ook de bovenste planken kunnen bereiken, het kon er allemaal weer een tijdje tegen. Van thuis had ze een flinke ventilator meegesleept om op zijn minst de grote luie leesstoel van enige koelte te voorzien. Het was nog niet meegevallen op de fiets, maar het was dan toch gelukt. Noodzakelijk was de verkoeling wel, de waskaars in de etalage, die sfeer diende te geven aan de uitstalling van enkele romantische boeken, was van zonnige treurigheid geheel krom komen te staan. Enkele vliegen hadden de hoge temperaturen in de etalage niet overleefd. Met een snelle beweging veegde Marion ze eerst op de grond en trapte er nog eens op. Gewoon voor de zekerheid.

Haar collega’s hadden in deze vakantieperiode allemaal gekozen voor zonnige bestemmingen. Frankrijk, Italië, Spanje, dat soort landen. Een beetje grappig was het wel, in veel vakantieoorden werden de temperaturen van deze vaderlandse zomer niet gehaald. Het was een jaar geworden dat je niet voor de zon op vakantie wilde, maar dat je liever een vlucht zou boeken naar koudere bestemmingen. Toch wel komisch.
Vanuit haar leesstoel zag ze een grote limousine de straat inrijden. Daar zal wel airco in zitten, dacht ze. Tot haar verrassing stopte de wagen voor de deur en Marion schoot overeind. Zou het een klant zijn? Misschien een belangrijk figuur, een minister, een popster of zoiets?

Een chauffeur, een jonge man in een indrukwekkend uniform, stapte uit en opende het portier om een dame uit te laten stappen. Een beetje popperig vrouwtje, strak gekapt en gekleed en behangen met allerlei blinkende sieraden. Een beetje té, vond Marion.

De chauffeur opende nu ook de winkeldeur om de dame binnen te laten stappen. Met de dame kwam er ook een stevige parfumlucht binnen en Marion hoopte dat die damp ook weer snel zou vervliegen. Overdaad schaadt, zoveel was wel duidelijk.

Terwijl de dame naar de toonbank schreed bleef de chauffeur beleefd bij de deur wachten. Knappe jongen, dacht Marion en ze schonk hem een glimlachje. De chauffeur keek terug, beantwoordde de glimlach en Marion zag een verlegen blosje over zijn gezicht trekken. Het maakte hem erg aantrekkelijk en Marion voelde haar glimlach verbreden.

‘Zeg, word ik nog geholpen of hoe zit het?’

Met een andere, geforceerder glimlach keerde Marion zich naar de dame.
‘Wat kan ik voor u doen?’ Geroutineerd als ze was wist Marion haar opkomende irritatie te verbergen achter een vriendelijke glimlach. Bovendien was een klant toch ook wel een welkome onderbreking van haar boekenlees-werkvakantie. Het modepopje tegenover haar beantwoordde de glimlach niet en terwijl ze met haar parfum de atmosfeer in het winkeltje danig wist te verpesten tikte ze wat ongeduldig en druk op de toonbank.

‘Heb je ook tijdschriften, ik bedoel oude tijdschriften?’

Verbaast tilde Marion haar wenkbrauwen lichtjes op. ‘Oude tijdschriften? We hebben daar een heel rek met de nieuwste exemplaren. We verkopen trouwens ook heel wat boeken.’

‘Boeken wil ik niet,’ antwoordde de dame hoofdschuddend waarbij het glitterwerk om haar nek het licht van boven de toonbank fonkelend verspreidde, ‘daar staan niet genoeg plaatjes in. Nee, ik bedoel echt tijdschriften. Over vogels bijvoorbeeld, ik houd wel van vliegende beesten. Of over poppen in klederdracht. Misschien iets over vakantiebestemmingen.’

‘Natuurlijk.’ Marion kwam achter de toonbank uit, ging de dame voor naar de tijdschriftrekken waarin de tijdschriften trapsgewijs uitgestald stonden en wees vluchtig enkele mogelijke kandidaten aan.

‘Maar heb je ook oude exemplaren? Die zijn vast goedkoper.’

Even keek Marion van de dame naar de chauffeur, die bij de deur druk bezig was niet naar zijn opdrachtgeefster te kijken, en weer terug naar het gefonkel tegenover haar.  ‘Wat een pinnig en onvolwassen type,’ dacht Marion bij zichzelf. ‘Een slee van een wagen, wie weet wat voor wagenpark ze nog meer in de garage had staan, rijk in de overtreffende trap en toch alles goedkoop willen hebben.’ Die gedachte bleef uiteraard heel professioneel verborgen.

‘Zeker, maar niet meer van alle titels.’

‘Kunt u die nog bestellen?’

‘Natuurlijk, maar helaas niet meer voor een kortingsprijs, dat kan ik in de boeken niet verantwoorden.’

‘Nou dan wil ik ze niet.’

‘Dat spijt me.’

De dame keek Marion een momentje vuil aan, draaide zich nuffig om en stapte vliegensvlug naar de deur. De chauffeur, verrast door  de snelle vlucht, had nog geen tijd gehad om de deur te openen.

‘Nou Rijk, doe je die deur niet open?’ bitste de dame, waarop de chauffeur met een hoogrode kleur in actie kwam. Terwijl de dame de winkel uitstapte keek de chauffeur nog eens naar Marion en haalde lichtjes verontschuldigend zijn schouders op.

‘Zes uur?’ vroeg de chauffeur terwijl ook hij naar buiten stapte.

Het ging helemaal vanzelf, er was niets wat ze er tegen kon doen, Marion knikte bevestigend.


De hele dag liep Marion een beetje verdwaasd rond. Wat had ze toch gedaan? Had ze nu werkelijk ja gezegd tegen een afspraakje met een totale onbekende? In de middag bleef het aantal klanten beperkt tot drie en er was dus voldoende tijd om zich over te geven aan een vervolg van haar leesvakantie. Maar concentreren op de gekozen boeken lukte haar niet, de gedachte aan Rijk maakte haar licht in het hoofd en de druk rondvliegende vlinders in haar buik waren steeds prominenter aanwezig.

‘Doe niet zo gek,’ mompelde ze in zichzelf, ‘je hebt die jongen één keer gezien.’

Maar toch, het gevoel was er en ze betrapte zich er regelmatig op dat ze de tijd tot zes uur zat af te tellen.

Om half zes sloot ze haar boek, ze kon zich er toch al helemaal niet meer op concentreren. Waarom zou ze niet gewoon alvast gaan opruimen? Na een dag van betrekkelijke stilte hoefde ze nu toch geen drukte meer te verwachten. Haar koffiekopje waste ze snel af. Dat is toch wel een voordeel van het alleen in de winkel zijn, dacht ze, de afwas is zo gedaan en ze vond het belangrijk om de winkeldag netjes te besluiten. De gebruikte theedoek verdween met een boogje in de gereedstaande wasmand. Ze zette de radio, waaruit schimmige popmuziek stroomde, af en genoot een momentje van de weldadige stilte. Exact om zes uur knipte ze het licht uit sloot de deur achter zich. Haar boekentas liet ze in de winkel achter, ze had weinig zin om met dat ding rond te sjouwen als ze een afspraakje had.

Het was druk op straat, mensen vluchtten van hun werk naar huis. Aan de overkant van de straat verzamelde een supermarktmedewerker de her en der verdwaalde winkelwagentjes. Marion keek om zich heen of ze Rijk zag aankomen, maar nergens was de grote limousine in beeld. Ze keek op haar horloge. Tien over zes. Ze voelde hoe een vleugje teleurstelling langzaam groter werd. Ze was ook wel gek geweest. Hoe kon ze ook verwachten dat hij het echt had gemeend! Ze voelde haar hoop op een mooie avond vervliegen.

Een stem deed haar opschrikken. ‘Hallo, je bent er al!’

Marion keek om. Daar stond Rijk, niet met die grote wagen, maar met een fiets. De verbazing waarmee ze daar naar keek viel hem op.

‘Je dacht toch niet dat ik met die grote slee zou komen? Die is van de baas hoor!’

Marion kleurde. Had ze dat echt verwacht? Ergens wel, gaf ze zichzelf toe, het maakte het romantische plaatje nét iets completer. Maar ze herstelde zich snel. ‘Ik ben hier ook met de fiets,’ en ze wees naar haar trapkarretje dat tegen de muur stond geparkeerd, ‘veel gemakkelijker in de stad.’

Rijk glimlachte. ‘Zullen we eerst wat gaan drinken? Wijntje, biertje? Ik weet een tentje waar ze een heerlijke trappist schenken. Daarna een hapje doen?’

Marion knikte. ‘Leuk, lekker, fantastisch!’

Een kwartiertje later zaten ze op het terras van café De Populier en klonken met hun glazen.

‘Je moet me wel aankijken als je klinkt!’

Marion had geen aansporing nodig. Ze keek hem, en zeker niet vluchtig, diep in de ogen. Haar onverwachte vakantie-werk-combinatie zat al dicht tegen het hoogtepunt aan en dit kon alleen maar beter worden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.